Persoonlijke hulpmiddelen
Home » Wonen & inrichten » Inrichting » Hoe kies ik de juiste verlichting voor mijn huis
3

Hoe kies ik de juiste verlichting voor mijn huis

Document acties
  • Moeilijkheidsgraad: goed te doen
Bij de inrichting van het huis zien besteden veel mensen te weinig aandacht aan de verlichting. Het juiste licht is echter heel belangrijk. Je kunt met licht verschillende sferen creëren, interessante effecten bereiken of spelen met dimensies in een ruimte. ‘Licht maakt of breekt een interieur’, zegt licht- en interieurontwerpster Madelein de Bruijn. ‘Een te wit, hard licht maakt een kamer kil, hoe sfeervol je het ook inricht.’

Hoedoe door: Irene de Vette

Bekijk het profiel van Irene de Vette
Aantal Hoedoes: 78


Benodigdheden

  • plattegrond van je huis
  • armaturen (staande lampen, tafellampen, hanglampen, plafonnières)
  • lichtbronnen (tl-licht, gloeilampen, spaarlampen, halogeenlampen)

Stappen

  1. Bepaal de functies en effecten van het licht

    Ga per ruimte na wat je er doet en welk licht je daarbij kunt gebruiken. Werken, slapen, lezen? Weinig verlichting geeft een behaaglijk gevoel, maar voor activiteiten als koken heb je een helder, fel licht nodig. Als een kamer meerdere functies heeft, zoals een woonkamer, zijn dimmers ideaal om de lichtbehoeften aan te passen.

    Bedenk ook wat voor effect je met het licht wilt bereiken. Kijk naar de plaatsing van de meubels. Gebruik er eventueel een plattegrond van je kamers bij. De Bruijn adviseert alles goed te bekijken: ‘Zijn bepaalde objecten of hoekjes de moeite waard om mooi uit te lichten? Waar wil je minder nadruk op leggen?’

  2. Kies de soort verlichting

    Er zijn drie soorten verlichting: algemeen, taakgericht en decoratief (sfeer- of accentverlichting). Algemeen is de basisverlichting: het licht dat gelijkmatig de hele kamer beschijnt zonder grote contrasten. Een plafonnière waarvan het licht reflecteert op wanden en vloeren bijvoorbeeld. Taakverlichting, of functionele verlichting, is een geconcentreerde lichtstraal op één plek, bijvoorbeeld een bureaulamp of leeslamp. Sfeerverlichting zit tussen taakverlichting en algemene verlichting in. Een tafellampje (met een kleine reikwijdte) verzacht de contrasten tussen lichte en donkere delen van de kamer. Accentverlichting is ook decoratief, maar juist wel gericht. Het benadrukt bepaalde dingen in het interieur, zoals een schilderij, pilaren of een nisje. 

  3. Kies de lichtbronnen en lichtintensiteit

    Om verwarring rond het woord ‘lamp’ te voorkomen hebben ontwerpers het over ‘armaturen’ als ze de lamphouder bedoelen (bv. een tafellamp) en gebruiken ze ‘lichtbron’ voor lamp (bv. gloeilamp). ‘Voor woningen past geel, warm licht het best’, zegt De Bruijn. Dat is het licht van gloeilampen en, in intensere mate, van halogeenlampen. Er zijn tegenwoordig spaarlampen die dit gelige licht benaderen, maar die zijn nog niet te gebruiken in combinatie met een dimmer. ‘Dimmers zijn heel belangrijk, want je wilt de verlichting flexibel houden’, legt De Bruijn uit. ‘Als je moet schoonmaken in je slaapkamer heb je niets aan sfeerverlichting.’

  4. Kies de armaturen

    Varieer in het type armaturen. Zorg ervoor dat je niet alleen licht hebt dat van boven naar beneden, zoals een hanglamp boven de tafel. Als de vloer teveel belicht wordt en de muren donker blijven geeft dit een ongezellig effect.

    Gebruik staande lampen die naar het plafond schijnen (‘uplights’), wandlampen die een diffuus (gekleurd) licht over de hele muur verspreiden en gerichte spots (accentverlichting) op bijzondere objecten. Met deze keuzes kun je ook spelen met de dimensies van een kamer. Zo lijkt een hoog plafond nog hoger met een uplight. Met lichtprojecties op de uiterste muur van een ruimte lijkt de ruimte langer, omdat het oog er naar toe getrokken wordt. Tafellampen vormen eilandjes van licht in een grote, hoge kamer.

    Let er op dat armaturen niet ten koste gaan van de zichtlijnen in de kamer. Staat je tafel voor het raam, hang er dan een glazen hanglamp boven, die het zicht naar buiten niet belemmert.

  5. Tips voor de hal en gang

    Bij de entree van je huis wil je een aangenaam welkom creëren, dus houd het licht warm, maar wel op een hoger lichtniveau dan de woonkamer. Als je met je spullen binnenkomt, is het fijn om goed licht te hebben. Kies voor algemeen licht, zoals plafond- of wandlampen of spots op een rail. Accentueer schilderijen en foto’s. Met taakverlichting bij spiegels en kasten heb je genoeg licht voor het aantrekken van je schoenen.

  6. Tips voor de keuken

    Combineer in de keuken algemeen licht met taakverlichting. Algemeen licht maakt de verlichting gelijkmatig, waardoor je niet in je schaduw staat te werken. Met taakverlichting op het werkoppervlak en het fornuis zie je goed wat je doet. Gebruik heldere halogeenspots of tl-buizen verstopt achter de bovenkastjes. Kies verlichting die makkelijk schoon te maken is.

  7. Tips voor de woonkamer

    Lezen, TV kijken, eten, ontspannen en nog veel meer: van alle kamers in huis heeft de woonkamer de meeste functies en dus ook lichteisen. Werk met meerdere ‘lagen’, waardoor je verschillende sferen kunt creëren. Armaturen met een ondoorzichtige kap geven gericht licht en zijn de juiste taakverlichting om bij te werken of te lezen. Met dit licht worden je ogen minder snel moe. Hang een hanglamp met dimmer minimaal 60 centimeter boven de eettafel, anders schijnt het licht direct in je ogen.

  8. Tips voor de slaapkamer

    In de slaapkamer wil je een zachte, ontspannende sfeer creëren. Gebruik één centraal lichtpunt met een dimmer. Richt taakverlichting, zoals een rail met spots, op je kledingkast en spiegel. Gebruik een aparte lichtknop hiervoor, zodat je niet alle lichten aan hoeft te doen als je je ’s ochtends aankleedt. Plaats twee afzonderlijk bedienbaar wandlampjes met gesloten kap als leeslampje boven het bed. Maak het geheel af met sfeerlichtjes die een zacht licht verspreiden. 

  9. Tips voor de badkamer

    Het licht in de badkamer moet vooral functioneel zijn. Goed licht bij de spiegel is daarbij het belangrijkst. Het licht moet recht naar voren schijnen, bijvoorbeeld door een wandlamp met een diffuse kap. Zo heb je geen hinderlijke schaduwen in het gezicht. Gebruik een dimmer als je ook graag zacht, sfeervol licht wilt voor een ontspannen baddersessie. Let er natuurlijk altijd op dat je verlichting waterdicht is. 

Do's

  • Gebruik voor armaturen zonder dimmers spaarlampen, bijvoorbeeld in de wc of hal. Spaarlampen gebruiken tot 80 % minder energie dan gloeilampen.
  • Kies verlichting in één stijl die bij je interieur past.
  • Houd de temperatuur van de verlichting zo veel mogelijk warm, dat wil zeggen: veel geelachtig diffuus licht.

Don'ts

  • Kies armaturen uit die passen bij je interieur, maar ga niet slechts af op het design van de lamp. Is de functie van de verlichting alleen decoratief, dan kun je wel een armatuur puur op uiterlijk kopen.
  • Zet niet te veel tafellampen in een kleine kamer.
  • Pas op voor verblinding (je ziet lichtpitjes nadat je in een lamp hebt gekeken). Richt de armatuur zo dat de lichtbron niet direct in je ogen schijnt.

Bron

Hoedoeners in de spotlight
Erik Weijers
Lid sinds: 26 maart 2008
Aantal Hoedoes: 42
Marieke van Oosterhout
Lid sinds: 31 maart 2008
Aantal Hoedoes: 24
Petra Megens
Lid sinds: 9 juni 2008
Aantal Hoedoes: 17
Wil je ook schrijven voor Hoedoe?
Meld je aan!